Eindbestemming – ukv

De blauwe, plastic kuipstoeltjes gaapten hem aan. Het zonlicht had het glazen koepeldak allang verlaten. Een van de TL buizen die de wachtruimte in het monumentale gebouw verlichtte, knipperde voortdurend. Het deerde hem niet. Met tussenpozen keek hij op het bord dat zijn trein aankondigde. Eindbestemming stond er op. Het vak voor de vertrektijd was nog altijd leeg. Volgens het spoorboekje en volgens zijn reservering was de tijd al uren verstreken. Zijn tas met benodigdheden voor deze laatste reis had hij op het stoeltje naast hem gezet. Af en toe dommelde hij in. Hem restte niets dan wachten.

In het hol van de leeuw – ukv

Zonder make-up, sieraden of hoge hakken kom ik zijn kantoor binnen.
‘Ga zitten,’ zegt hij en doet de deur dicht.
Terwijl ik plaatsneem, zie ik een grote vlek op mijn katoenen zomerjurkje. Verdorie, ik had een schone aan moeten doen. Misschien ook andere schoenen, een gouden kettinkje… Onrustig vraag ik me af, wat deze nieuwe baas van me zal vinden.
Hij kijkt me recht in de ogen. ‘Wat is je probleem?’
Aarzelend begin ik te vertellen. Hij stelt aanvullende vragen.
Gaandeweg het gesprek doet hij zijn das af, zijn jasje, zelfs zijn schoenen uit.
Ik lucht mijn hart.  

Zijn verscheurde hart

Er lagen doornen

en scherpe stenen

op zijn levenspad,

ze verwondden

zijn armen en zijn benen

maar terwijl de wonden heelden

vervolgde hij zijn weg.

De littekens die achterbleven,

jeukten, schreeuwden,

maar bedekt onder zijn kleren

was er niemand

die hem daar ooit nog over hoorde.