Langzaam verkeer – ukv

‘Met hoeveel kunnen we er op?’
‘Niet meer dan zes van die,’ zegt de man een beetje nors, ‘Twee aan twee opstellen bij de slagboom.’
Ze zijn met zestien, het gaat dus even duren. De verplichte rust wordt gevuld met een knabbel en een babbel.
Heen en weer gaat de man met zijn lading. Aan de ene kant slinkt de groep, aan de overzijde groeit hij.
Even nadat ze allemaal weer samen zijn, ziet de veerman aan de horizon  van het vlakke land tweeëndertig koppen voorovergebogen tegen de wind verdwijnen.

Langzaam verkeer – ukv

Langzaam verkeer – ukv

‘Met hoeveel kunnen we er op?’
‘Niet meer dan zes van van die,’ zegt de man een beetje nors, ‘
Twee aan twee opstellen bij de slagboom.’
Ze zijn met zestien, het gaat dus even duren. De verplichte rust wordt gevuld met een knabbel en een babbel.
Heen en weer gaat de man met zijn lading. Aan de ene kant slinkt de groep, aan de overzijde groeit hij.
Even nadat ze allemaal weer samen zijn, ziet de veerman aan de horizon  van het vlakke land tweeëndertig koppen voorovergebogen tegen de wind verdwijnen.

Nieuwe fase

Op de drempel

draait ze om,

beschouwt nog een keer,

gestopte kieren, gedichte gaten,

maar ook de kleuren

die dit nestje maakten

tot een veilige haven,

gebeiteld in zoveel meer

dan een herinnering,

tot de geuren achter haar

van verse verf

prikkelen in haar neus,

haar verlangen voeden

en ze resoluut haar oude nest

achterlaat.

voor een nieuw begin.

De trip

Werden wij niet aangespoord

oor menig Friese lekkernij,

verwarmd door geestdrift,

verwarmd door vuur,

dan waren we vast blijven steken

als in zware klei.

Iedere overwinning

van straffe, gure tegenwind

werd beloond

met wonderschone vergezichten,

in goed gezelschap

en een typisch Fries ornament.

Om maar niet te spreken

van het onderbreken van de tochten

met een aangenaam verpozen,

maar helaas het is allemaal al weer lang voorbij.

Thuiskomst

Met mij komen ok de tassen binnen,

maar ik laat ze in de deuropening staan

want als ik ze open

moet mijn wasmachine aan een berg wasgoed beginnen,

wast hij alle vlekken,

wast hij alle spatten,

wist hij alle tastbare herinneringen

en ze daarvoor de deur

lijkt het of we nog op reis zullen gaan.

Het nieuwe leven

In het oude bloemenbed

ontluikt het nieuwe leven,

dat ik kortgeleden plantte,

de eerste knoppen zitten er al aan

en ik zal het met water, mest en schoffel,

kortom met de grootste zorg omgeven,

zodat we er volop van kunnen genieten

als het in volle bloei zal staan.

”Dammed pigeons” – ukv

Jennifer is gehaast. Ze is haar boek vergeten en ze is al laat. Uit de gang komt herrie. Uit haar kamer? Ze wil er binnengaan, maar de deur wordt geblokkeerd. Ze bonst erop.
‘Nee niet binnenkomen!’ Het is de stem van poetsvrouw Clara.
Opeens gaat de deur toch open. Clara zwaait geagiteerd met haar stofdoek als ze zegt: ‘Hij is weg, laat je raam nooit meer wijd open staan. Ik ga een dweil halen!’
Geschrokken kijkt Jennifer naar de rotzooi, naar de diverse plekken waar de ongenode gast zijn aanwezigheid markeerde.

Loslaten

Overvoerd met zure appel

heb ik nu behoefte

aan natuurlijk zoet,

zodat mijn tong

niet ruw wordt,

ik kan bijten

zonder dat het zuur

zich nestelt tussen mijn tanden

en daar voortdurend in mijn tandvlees wroet.

Niet langer raap ik zure

en ik eet enkel die appel

die aan mijn smaak en wens voldoet.

De boom die ik wel kan missen,

hak ik om.